Grafelijk park Bad Driburg


Bad Driburg

Frühjahrsbepflanzung. Blaue Stiefmütterchen und Trinkhalle () Foto: LWL/WALB/Gerbaulet. 2004

De oorsprong van het park voert terug op de in 1669 door vorstbisschop Ferdinand von Fürstenberg aangelegde lindelaan. Aan het begin van de achttiende eeuw werd er een tweede laan aangelegd, die hier haaks op aansloot. Nog altijd wordt de basisstructuur van het park bepaald door deze beide lanen en de geneeskrachtige bron die zich op het kruispunt van de lanen bevindt.

De oprichter van het kuuroord was Caspar Heinrich von Sierstorpff die van Bad Driburg, in de geest van de Verlichting, een oord "van landelijk plezier" maakte. Ten westen van de bron realiseerde hij het eerste, landschappelijk vormgegeven park. Uitzichten op het Egge-gebergte lijken de grenzen tussen de door de mens ingerichte delen en het landschap in de omgeving op te heffen. Als ‘natuurverfraaiing’ zijn er op de Rosenberg paden aangelegd en bomen en struiken aangeplant. De nazaten van von Sierstorpff hebben het kuurpark geleidelijk uitgebreid.

Tegen het einde van de negentiende eeuw vond er een uitbreiding richting het zuiden plaats. Met zijn bochtige paden, grasvlaktes en solidaire bomen is deze nog altijd zeer imponerend. Het hoogtepunt van dit deel van het park is de vijver met het “Diotima“-eiland.

Een bijzonder kenmerk van het kuurpark zijn de in de loop van het jaar wisselende bloemperken.